Starten. Op je beginscherm staat bij je training van vandaag Start training. Je kunt ook beginnen vanaf je pad, vanuit een melding, of via het scherm Training. Heb je niets gepland, maak dan zelf een schema met Schema maken. Deed je iets zonder schema, zoals een les of een wandeling, gebruik dan Training loggen; zie Een activiteit loggen.
Sets afvinken. Per oefening vul je het gewicht en het aantal herhalingen in. De app onthoudt wat je vorige keer deed, zodat je alleen aanpast wat anders is. Vink je een set af, dan begint de rusttimer.
Supersets. Zijn oefeningen gekoppeld, dan leidt de app je er in de goede volgorde doorheen, en start de rust pas na de laatste.
Meekijken met de camera. Bij sommige oefeningen kan de sportassistent je herhalingen tellen. Zie De sportassistent.
Offline. De logger werkt zonder bereik, juist in een kelder met dikke muren. Alles staat op je toestel en gaat vanzelf omhoog zodra er verbinding is.
Afgerond. Je training levert punten op, telt mee voor je reeks, en komt in je agenda. Zet je een record neer, dan zie je dat meteen.
Wat je coach ziet. Heb je een coach, dan ziet die wat je logde: welk gewicht, hoeveel herhalingen, en of je de training afmaakte.
Zie ook Zelf een trainingsschema maken en De rusttimer.